Dag 39: Andere maat

Created with Sketch.

Dag 39: Andere maat

Ik denk dat ik er uit ben, ik denk dat er mensen zijn die in andere maten rekenen. In inches ofzo. Zou dat het kunnen zijn?
Ik kom langzaam maar zeker weer zo af en toe in de wereld. Even een ijsje halen met een van de kids. Of even een paar boodschapjes bij de buurtsuper. En als ik zie hoeveel gedoetjes ik op die kleine tripjes me op de hals zou kunnen halen, en vaak ook doe, dan ben ik blij dat ik in een dorp woon. Waar het relatief nog rustig is en nog flink wat ruimte. En ik verbaas me over hoeveel mensen kennelijk niet weten hoe lang 1,5 meter is. En ze zijn vast niet dom, dus het moet wel dat ze een andere meetlat gebruiken toch?
Ik heb dus elke keer gedoetjes. Zo was ik laatst bij een supermarkt waar twee mensen een keer of drie ongeveer schouder aan schouder langs me liepen. Ik houd me in, ik zucht van binnen. So be it. Ik vind boodschappen doen als zo’n puzzel met vakjes waar er eentje mist en je dan dus moet schuiven. Eentje naar boven, eentje naar rechts en zo komen we er wel. Zo loop ik ook door de winkel. Loerend naar vrije looppaden, een stapje naar rechts voor die mevrouw, even wachten voor die mijnheer. En soms loop je vast, in een fuik. Bijvoorbeeld door deze twee voornoemde mensen. Die op een gegeven moment hun (ik denk wel 12-jarige) zoon in een winkelkar aan de ene kant van het pad zetten en zelf aan de andere kant iets gaan bekijken. En zoonlief geeft de kar vlak voor mijn neus een zet om midden in het pad te wachten en kijkt mij triomfantelijk aan. Kijk, daar gaat dan toch een klein vonkje in mijn brein een teken geven….vroeger kreeg je meteen een vlammenzee. Maar nu bleef ik bij licht geïrriteerd. En wat ik voel staat altijd in neon op mijn voorhoofd. Dus vader van het joch ziet mijn ergernis en hé kom niet aan mijn bloedje van een zoon hè. Dus er ontstaat wat zullen we maar zeggen. Met als uiteindelijk gevolg dat de beste man me de hele winkel door blijft stalken, ik hem vraag alsjeblieft gewoon met zijn vriendin boodschappen te doen en niet met mij en hij vervolgens vraagt of ik een triootje wil. Say what? Ik sla wat tussenliggende stappen over hoor, maar ook die kennende zou je beduusd zijn over dit aanbod.
En terwijl ik dit typ ontdek ik waarom ik steeds maar weer dit soort dingen op me af roep. Allereerst: aard van het beestje. Absoluut! Ik moet het er altijd uitflappen. Schijnt dat ik een hels schooljaar heb gecreëerd door de meester uit de vierde klas keurig steeds te verbeteren als hij zei: ik ben dat nodig. Da’s toch geen Nederlands! Nou ja, aard van het beestje dus.
Maar beestje heeft die aard de laatste twee decennia best onder controle. Dus waarom nu dan ineens weer? Ik realiseer me dat dat dan weer te maken heeft met iets anders van binnen. Elke gedachte, elke overtuiging stuurt je gedrag. En omdat iemand ooit tegen mij gezegd heeft dat ik tot ‘de risicogroep behoor’, zoemt dat dus de hele tijd in mijn achterhoofd. Alsof er een zinnetje steeds maar van binnen tegen elke klojo zegt: “hé gast, afstand, ik ben deel van de risicogroep.”
En door dat zinnetje wordt dan weer mijn autonome zenuwstelsel aangestuurd en is er die hele tijd een klein laagje van stress. En als er de hele tijd een klein laagje van stress is, dan staat je systeem eigenlijk al klaar voor de strijd. Het minste geringste maakt dat je volop aan kunt gaan.
Wat fijn, dat ik me dat nu ineens realiseer. Dat ik de wereld in ga met bij voorbaat een bakje angst in mijn rugzak. En die angst is niet handig. Realistisch zijn en de daarbij behorende maatregelen toepassen is natuurlijk prima dus wie weet ben ik ook wel risicogroep, who knows. En steeds maar van binnen voelen ‘ik ben misschien in gevaar’, da’s niet handig.
Dus ik kan niet veranderen dat anderen in inches ofzo rekenen, maar wel mijn interne procesje. Ik ga hem vervangen door ‘ik voel me veilig’, en dat voelt al een heel stuk beter.

Tot morgen!
Cathelijne